Van 16 tot en met 19 mei wordt in Antwerpen alweer de zesde editie van Ballroom Project gehouden. Dit unieke beursconcept, dat het midden houdt tussen een beurs en een gecureerde, museale expositie, vindt plaats in de prachtige neoklassieke BorGerHub, het voormalige gerechtsgebouw van Borgerhout. Ieder jaar wordt een curator uitgenodigd om een samenhangend tentoonstellingsconcept te presenteren, waardoor de werken een spannende relatie aangaan met elkaar en de ruimte waarin ze zich bevinden. Tijdens deze editie valt die eer aan curator Pieter Vermeulen, die ‘Les Fleurs du Mal’ als thema koos: de beroemde dichtbundel van Charles Baudelaire. Dit jaar wordt het concept enigszins uitgebreid en krijgen de deelnemende galeries ook de kans om een solo- of duo-presentatie van hun kunstenaars te tonen, zonder beperkingen qua werken. Ballroom Project valt samen met Antwerp Art Weekend (16 tot en met 19 mei) en is een initiatief van Base-Alpha Gallery en DMW Gallery.
Charlie De Voet heeft een praktijk die zowel abstracte als figuratieve werken omvat. In zijn meest recente werk onderzoekt hij hoe hij verf kan behandelen als materie, aangebracht in diverse lagen, in plaats van enkel als een middel om kleur toe te voegen aan het beeld.
Willem Boel is geïnteresseerd in een bepaalde onvoorspelbaarheid binnen het artistieke proces, bijvoorbeeld als gevolg van toeval, tijd of temperatuur. Boel: “Ik denk dat een residu veel geloofwaardiger is dan een geregisseerd eindresultaat, daarom zoek ik naar (gestuurde) residuen. Natuurlijk wordt elke actie geleid door het vermogen van de kunstenaar om te handelen, maar ik probeer 'struikelblokken' voor mezelf te installeren tijdens het maakproces om het resultaat los te koppelen van de actie.”
Joost Pauwaert is gefascineerd door geweld en destructie en zijn werken hebben dan ook niet zelden dystopische namen als ‘Study For Apocalyptical Carousel’, ‘A New Study For An End Of The World’ of ‘Schrapnel’, refererend naar de wapenfragmenten die overblijven na een explosie. Pauwaert maakt onder meer (kinetische) sculpturen, maar ook schilderijen en werk op papier.
Het Franse kunstenaarsduo Angélique Aubrit & Ludovic Beillard hanteert een multidisciplinaire praktijk die varieert van sculpturen, video, installatie, performance en tekeningen omvat. Inhoudelijk wordt de praktijk gekenmerkt door een mix van theatraliteit, surrealisme en een onheilspellende sfeer, geïnspireerd door de commedia dell’arte (een historische Italiaanse theatervorm), groteske cinema, filosofie en de menselijke psyche. Hun werk was onder meer te zien in Centre Pompidou Metz en CAPC Bordeaux.
De kunst van de Belgische kunstenaar Gerard Herman wordt vaak getekend door snedige visuele humor, zoals een halve tafeltennistafel met een enkele speler en de cryptische titel ‘Wet van behoud van ellende’. Of een informatiestandaard, zoals we die kennen uit musea, die normaal gesproken praktische of inhoudelijke informatie biedt. In de versie van Herman wordt echter geen informatie verstrekt, maar een tekening van een man die luiert in de zon. De titel van het werk is ‘De Wereld Doet Het Werk’.
De Franse kunstenaar Victoria Palacios is naast schilder ook muzikant en performer. Ook in haar praktijk verweeft ze verschillende media en gebruikt ze soms verrassende ondergronden voor haar werk, van schoenen tot een ‘pocketbook’.
De praktijk van Victor Delestre, een Franse kunstenaar, wordt mede geinspireerd door zijn achtergrond in de theaterwereld, waarin hij acht jaar actief was voordat hij zich volledig richtte op zijn artistieke praktijk. Deze praktijk wordt eveneens getekend door multidisciplinariteit en omarmt bepaalde verhalende elementen uit het theater.
Dodi Espinosa werd geboren in Mexico City en kwam na een opleiding vrije kunsten aan de Escola Massana in Barcelona terecht in Antwerpen, waar hij tot op de dag van vandaag woont. De gelaagde werken van de conceptuele kunstenaar stralen vaak een bepaalde kracht of zelfs verzet uit en zijn geworteld in de (kunst)geschiedenis, persoonlijke levenservaringen maar worden ook geïnspireerd door populaire cultuur, archeologie, racisme, ontheemding, syncretisme, de conventies binnen de kunstwereld, sacrale kunst en eeuwenoude genezingspraktijken.
Natacha Mankowski werd geboren in Parijs, waar ze aanvankelijk werd opgeleid tot architect. Na enige tijd in deze sector gewerkt te hebben koos ze er toch voor om zich toe te leggen op de schilderkunst. Haar praktijk als schilder is echter nog steeds diep geworteld in haar architecturale ervaring. Zo laat ze zich onder meer inspireren door steengroeven, overgangsgebieden waar grondstoffen worden gewonnen voor (onder meer) de bouw. Mankowski onderzoekt onze verstoorde relatie met de natuur en de verwoestende invloed van de mens. Voor haar schilderijen gebruikt ze monsters van deze ruwe materialen om een dikke, textuurrijke impasto-verf te creëren die kenmerkend is voor haar werk.
GoMulan brengt werk van Ulrike Rehm, een Duitse kunstenaar die werd opgeleid in een houtbewerkersgilde, gevolgd door opleidingen aan de Rietveld Academie en het Sandberg Instituut. Tegenwoordig werkt ze in een veelheid aan media en technieken: van textiel en keramiek tot een schildertechniek waarbij gebruik wordt gemaakt van bijenwas. Belangrijke inspiratiebronnen zijn onder meer folklore, tradities en archetypen. Haar werk werd onder meer opgenomen in de collecties van KPMG, de Akzo Nobel Art Foundation, Louis Vuitton (Azië) en Museum Arnhem.

Settantotto Art Gallery toont werk van herman de vries. Deze Nederlandse kunstenaar werd opgeleid als plantkundige en onderzoeker en dat wordt gereflecteerd in zijn praktijk. Planten en aarde vormen zijn vaste materialen en thematisch gaat zijn werk ook over onze gecompliceerde en verstoorde relatie met de natuur. Sinds de jaren zeventig stelde hij een uitvoerig archief samen van meer dan 7000 grondmonsters. In 2015 vertegenwoordigde hij Nederland op de Biënnale van Venetië. Tip: Zijn werk is t/m 12 mei ook te zien in een solotentoonstelling in Settantoto Art Gallery [lees hier een verslag].