Als kind aanvaard je de wereld zoals die je wordt voorgehouden, het verhaal dat anderen je vertellen. Later ontdek je de nuances, de grijstinten, en leer je de ervaringen uit je jeugd en verdere leven te ontleden, de lagen die je hebben gevormd. Kunstenaars hebben het vermogen om ons te tonen hoe ook hun levens door zulke verhalen zijn getekend. Door ons deelgenoot te maken van hun persoonlijke reis, soms ver van de onze, weten zij iets universeels te raken. Galerie Fleur & Wouter opende onlangs haar nieuw verbouwde ruimte aan de Van Ostadestraat 43b met een tentoonstelling van Fiona Lutjenhuis, Mai van Oers en Alexxx. In deze presentatie, die tot en met 26 oktober te zien is, onderzoeken de kunstenaars thema’s als identiteit, ideologie, verlies en hoop, maar ook de manieren waarop herinneringen vorm krijgen.
Fiona Lutjenhuis groeide op in een Brabants dorp waar haar ouders zich aansloten bij een religieuze gemeenschap, die de kunstenaar zelf op haar zestiende achter zich liet. De Malva-sekte putte uit een eclectische mix van theosofie, esoterische kosmologie, geheime genootschappen en overtuigingen over bovennatuurlijk en buitenaards leven. In haar praktijk vertaalt de kunstenaar deze ideologische erfenis en persoonlijke herinneringen in een eigen, hybride beeldtaal, gevoed door archiefonderzoek. Haar werk is geen letterlijke reconstructie, maar een symbolische en poëtische hervertelling, vaak met een dosis humor, om zo grip te krijgen op haar verleden. Het resultaat zijn werken die vaak zowel een speels als grimmig element hebben. Voor Lutjenhuis is haar praktijk een manier om haar uitzonderlijke jeugd te herinterpreteren zonder daar een waardeoordeel aan te verbinden. Ze kijkt naar de wereld vanuit een rationeel, autonoom en agnostisch perspectief, maar ook met een spirituele nieuwsgierigheid naar wat zou kunnen bestaan.
In Galerie Fleur & Wouter toont Lutjenhuis bijvoorbeeld twee grote kamerschermen met de titel ‘I Flourish Into Chaos’ (2024). Daarop verschijnen de leiders van de sekte als roofvogels: uilen en een havik. Zwevende gebouwen met opengewerkte wanden tonen scènes uit haar familiegeschiedenis, waarin de mensen zijn voorgesteld als statische Japanse Kokeshi-poppen, ontdaan van iedere vorm van agency. De Malva-sekte eigende zich namelijk beeldtaal toe uit verschillende religieuze en culturele tradities. Het alziende oog in de verbeelding refereert naar Geza-4, de planeet die uiteindelijk als redding zou moeten dienen. Verderop in de tentoonstelling zien we een vogelhuisje en een beschilderde lichtblauwe bedconstructie met de veelzeggende titel ‘Family Trip’. Het bedframe vormt hier een zandbak met kleine zandkastelen, waardoor het meubelstuk zijn huiselijke functie verliest en letterlijk verandert in een beladen landschap. Aan de wanden hangen werken op katoenpapier waarin menselijke en buitenaardse gedaanten opduiken, vermengd met religieuze symboliek. Samen verbeelden de werken onderwerpen als macht, onderwerping en geloof.
De expositie in Galerie Fleur en Wouter bevindt zich op een spannend moment in haar carrière: parallel aan deze presentatie loopt haar eerste museale solotentoonstelling ‘Seasoned Sins’ in Het Noordbrabants Museum, waarin ze de vier seizoenen aanvult met een vijfde. Haar werk is tot en met 30 november ook te zien in de expositie ‘Refresh Amsterdam #3’ in het Amsterdam Museum. Lutjenhuis werd onlangs bovendien genomineerd voor de Prix de Rome 2025, wat betekent dat haar werk vanaf eind november ook te zien zal zijn in het Stedelijk Museum.
Fiona Lutjenhuis werd in 1991 geboren in Zevenaar. Ze studeerde aan ArtEZ University of the Arts in Arnhem en was daarna resident aan de Rijksakademie van Beeldende Kunsten in Amsterdam. Haar werk was eerder te zien in onder meer 1646, het Dordrechts Museum, op Schiphol, tijdens de H3H Biënnale en in Drawing Centre Diepenheim. Haar werk bevindt zich in de collecties van onder andere de AkzoNobel Art Foundation, Museum Helmond en Schunck Glaspaleis.
Mai van Oers staat bekend om haar tekeningen en schilderijen waarin ze zorgvuldig opgebouwde werelden creëert, bevolkt door architectuur, sprookjesfiguren, dieren en religieuze motieven die zich voegen naar een eigen logica. In Galerie Fleur & Wouter presenteert ze een reeks nieuwe potloodtekeningen. Ze begint meestal zonder vast plan, waardoor herinneringen en cultureel kapitaal vanzelf hun weg naar het papier vinden: haar jeugd bij de katholieke Ursulinen (nonnen), lange wandeltochten naar Santiago in 1983 en Rome in 1993, maar ook kunsthistorische echo’s van middeleeuwse miniaturen of de literaire beeldtaal van Dante Alighieri. Op het papier verschijnen vervolgens kathedralen, dreigende gestalten van nonnen, tombes, dieren en sprookjesmotieven in landschappen die spelen met perspectief en licht. Van Oers werkt hier in zwart-wit met incidentele accenten in grijspaars of felgeel.
De tekeningen worden in de galerie gepresenteerd tegen een door haar en Alexxx ontworpen behang, eerder ontwikkeld voor No Limits! Art Castle in het Centraal Museum in Utrecht. Dat patroon, opgebouwd uit fragmenten van hun werk, laat de tekeningen verschijnen als eilanden in een groter universum. In de galerie worden de originele kunstwerken gepresenteerd op het behang.
Mai van Oers werd in 1953 geboren in Uden en studeerde aan de Gerrit Rietveld Academie in Amsterdam. Haar werk was onder meer te zien in het Fries Museum, het Centraal Museum, het Teylers Museum, Garage Rotterdam, Drawing Centre Diepenheim, Museum Boijmans Van Beuningen en De Vishal. In 2000 ontving ze de Jeanne Oosting Prijs voor de schilderkunst. Haar werk maakt deel uit van collecties van onder andere Museum Boijmans Van Beuningen, het Teylers Museum, het Centraal Museum, Museum Jan Cunen en het Chabot Museum. Haar werk is gelijktijdig ook te zien in de tentoonstelling ‘Missing as a circular form. The art of living through loss’ in het Stedelijk Museum Schiedam, tot en met 1 maart 2026.
De mysterieuze Alexxx werd geboren in Belarus en ontwikkelde een tekenpraktijk waarin de balpen zijn belangrijkste instrument werd. Met eindeloze lijnen en arceringen verwerkt hij persoonlijke en maatschappelijke thema’s, waaronder zijn ervaringen met de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND), de veranderende houding ten opzichte van migranten in Nederland en een persoonlijk verleden waarin verslaving een rol speelde.