Magazine

De keuze van... Merel van den Nieuwenhof

De keuze van... Merel van den Nieuwenhof
Merel van den Nieuwenhof voor werk van Rogier Walrecht.

In de rubriek ‘De keuze van…’ laten we een keur aan kunstliefhebbers (van incidentele kopers tot kunstprofessionals) aan het woord over hun beleving van kunst, en vragen we naar hun voorkeuren: waar zien ze het liefste kunst? Waar kopen ze, en vooral: wie kopen ze? In dit deel Merel van den Nieuwenhof (Conservator Museum Jan Cunen en eindredacteur Magazine Palet)

Wat betekent kunst voor jou?

Kunst is een belangrijk onderdeel van mijn dagelijks leven. Ik maak tentoonstellingen (o.a. in Museum Jan Cunen in Oss en Zinder Expo in Tiel), schrijf over kunst en ga ook in mijn vrije tijd veel naar tentoonstellingen en beurzen. Door het kijken naar kunst – en door het praten met kunstenaars – word ik regelmatig verrast, leg ik nieuwe verbanden of kijk ik met een andere blik naar mijn omgeving of leven. Dat kan een reflectieve kant hebben, maar ook zitten in iets directs en zintuiglijks, zoals de verwondering over een materiaal of de sensatie die iets teweegbrengt.

Heb je kunst van huis uit meegekregen of heb je zelf je pad moeten vinden?

In mijn jeugd was ik me daar nooit zo bewust van, maar mijn broertje en ik werden door mijn ouders regelmatig meegenomen naar musea. Dat vond ik normaal, leuk ook, en ik begreep niet waarom andere kinderen musea saai vonden of er simpelweg nooit kwamen. Een vroege herinnering – ik weet niet meer welk museum het was – is totaal gefascineerd zijn door een Jheronimus Bosch-achtig schilderij; een vol en verhalend tafereel waarin van alles te ontdekken viel. Terwijl mijn ouders op hun gemak de rest van de tentoonstelling bekeken, had ik genoeg aan die ene voorstelling, waar ik in mijn herinnering uren – het kan in werkelijkheid ook maar tien minuten zijn geweest – voor heb gezeten.

Ik ga trouwens nog steeds regelmatig met mijn ouders naar tentoonstellingen. Als ik met mijn moeder een beurs bezoek, komt er altijd wel een moment dat we keihard om een kunstwerk moeten lachen – heerlijk. Ik vind het een misvatting dat er altijd maar gewichtig over kunst moet worden gedaan. Vaste prik als tweejaarlijks moeder-dochteruitje is intussen ook de Biënnale van Venetië: samen flink doorstampen om zoveel mogelijk te zien en tussendoor Spritz drinken op een terrasje.


Extended Artifact, 2019, Levi van Veluw.

Waar haal je je informatie over het wel en wee in de kunstwereld vandaan: krant, vakbladen, televisie, online?

Het meeste online, hoewel ik als eindredacteur van kunsttijdschrift Palet ook veel informatie en persberichten toegestuurd krijg, en natuurlijk via artikelen van collega-auteurs op de hoogte blijf. Omdat ik nogal een workaholic ben, blijft de krant vaak liggen en kies ik er eerder voor om onderweg in de trein op mijn telefoon wat stukken te lezen. Hoewel online informatie vluchtig kan zijn, blijft er ook veel hangen door herhaling. Kunstenaars volg ik vaak een tijdlang via Instagram: door steeds een nieuw bericht van ze te zien, word ik aan ze herinnerd en blijf ik op de hoogte van hun ontwikkelingen en exposities. Tot ik ze, als zich een aanleiding voordoet, benader voor een atelierbezoek.


Waar bekijk je het liefste kunst? In een galerie, museum, een beurs of online?

Ik bekijk kunst zowel in galeries, musea en op beurzen als online. Hoewel je niet overal bij kunt zijn, heeft iets in het echt zien altijd mijn voorkeur; formaat, toets, textuur, het speelt allemaal mee in de beleving van een kunstwerk. Waar musea vaak ideaal zijn voor overzichten en meer doorwrochte achtergrondverhalen blijf je via galeries en beurzen juist goed op de hoogte van wat er momenteel speelt in de hedendaagse kunst. Maar het allerliefst bekijk ik het werk op de plek waar het ontstaat: in het atelier van de kunstenaar.


Untitled, 2019, Sander Reijgers.

Hoe vaak per jaar koop je kunst? Koop je werk in oplage of liefst uniek werk?

Ik koop een tot enkele malen per jaar kunst, afhankelijk van mijn financiële mogelijkheden, wat ik tegenkom, en wat ik al heb uitgegeven (al hanteer ik geen vaststaand budget). Ik heb zowel werk in oplage als uniek werk in huis en geen uitgesproken voorkeur voor een van beide. Goed is goed, en als er dan bijvoorbeeld ook veertien anderen plezier hebben van dezelfde foto vind ik dat eigenlijk wel een fijn idee: kunst moet gezien worden. Maar ik heb bijvoorbeeld ook uniek werk van Rogier Walrecht, dat speciaal voor mij is gemaakt. In dat geval vind ik het dan weer heel bijzonder dat het bij ons in huis hangt, en alleen in onze directe kring wordt gezien.

En waar koop je dan: in de galerie, op een kunstbeurs, op een veiling of online?

Meestal in een galerie of op een beurs. Een enkele keer online, bijvoorbeeld via social media. Maar dan wel van kunstenaars wiens werk ik ken en in het echt heb gezien. Het gaat dan om kleinere uitgaven. Echt blindelings iets online kopen, zou ik minder snel doen, zeker als het gaat om een schilderij of sculptuur.

Dit jaar heb ik voor het eerst werk gekocht op een eindexamenexpositie: een foto van Alex Avgud (KABK, Den Haag). Niet omdat ik snel wilde toeslaan, maar omdat ik merkte dat ik al drie keer was teruggelopen en de foto gewoon heel graag wilde hebben. Daarbij vind ik het, ook in mijn werk als curator, belangrijk om jong talent kansen te bieden. Dus ik ben zeker voornemens om vaker in een vroeg stadium kunst te kopen.

Is het belangrijk dat jij en je partner het altijd eens zijn over een aankoop?

Misschien zou ik daar meer rekening mee moeten houden, maar in de praktijk beslis ik meestal zelf en sleep ik mijn aankopen zonder aankondiging mee naar huis. Dat komt ook doordat ik absoluut niet berekenend of strategisch koop, maar ineens iets tegenkom waarvan ik weet dat ik spijt krijg als ik het laat gaan. Het zijn dus echt mijn keuzes en bij thuiskomst wordt daar wisselend op gereageerd. Of het dan een centrale plek in huis krijgt of niet bekijken mijn vriend en ik wel samen. Hoe mooi ik het idee ook vind om samen kunst te kopen, ik geloof er niet in dat als je met zijn tweeën beslist, je dan ook echt voor jouw nummer één kiest. Bij het kopen van kunst doe ik het liefst zo min mogelijk concessies.


Alex Avgud - Crystal (Philip spitting), 2019.

Is er een galerie waar je een speciale band mee hebt?

Ik kom beroepsmatig bij veel verschillende galeries, maar een speciale band ontstaat wat mij betreft bij een combinatie van een smaak die aansluit bij de mijne én je ergens welkom voelen. Bij Galerie Bart (zowel in Amsterdam als Nijmegen) kom ik al heel lang. De sfeer is daar altijd goed, er wordt breed en goed geprogrammeerd en er is veel aandacht voor jonge opkomende kunstenaars. Bij Galerie Jan van Hoof in Den Bosch deed ik ooit mijn eerste aankoop en kom ik ook nog steeds graag, mede door de gastvrijheid en het fantastische pand met uitzicht op Het Bossche Broek. En in eigen stad (Nijmegen) ga ik regelmatig even kijken bij oud-studiegenoot Emiel van der Pol. Zijn galerie Singular-Art bestaat uit slechts één (bescheiden) ruimte, waar echter altijd weer nieuwe verrassende combinaties te zien zijn, die met lef bij elkaar zijn gebracht.

Als je onbeperkt budget had, van wie zou je dan een werk aankopen?

Op deze vraag zou ik heel veel verschillende antwoorden kunnen geven. Maar als ik Yayoi Kusama kon ontmoeten en haar de opdracht kon geven om een ‘Infinity Mirror Room’ in mijn huis te maken, zou ik dat doen!  

Wie zijn je favoriete kunstenaars (op Gallery Viewer), en waarom?

Moeilijk kiezen, want er staan erg veel interessante kunstenaars op Gallery Viewer. Zonder anderen af te vallen, kies ik er drie.

Levi van Veluw interviewde ik ooit toen hij net afgestudeerd was en ik nog kunstgeschiedenis studeerde. Het was een van de eerste artikelen die ik schreef, toen nog voor een lifestyle magazine. Hij gebruikte destijds zijn eigen gezicht als drager en vertelde me dat hij na een avond in zijn atelier de balpenlijntjes niet van zijn gezicht kreeg en zo in de bus was gestapt. Jaren later heb ik hem opnieuw geïnterviewd; mooi om te zien hoe hij was gegroeid. Zijn tentoonstelling in Marres Maastricht – evenals zijn solo’s bij Galerie Ron Mandos overigens – vond ik fantastisch: een overall ervaring, waarin ik helemaal alleen rondliep en waarvan ik me kleine details nog levendig kan herinneren.

De laatste jaren valt me steeds meer op dat ik een zwak heb voor tactiel werk. Hoewel ik in de museumwereld streng ben opgevoed met het idee dat je kunst niet met je blote handen mag aanraken, kies ik vaak voor werk dat kwetsbaar is en dat ik dolgraag zou willen aanraken – iets dat ik bij een atelierbezoek wel altijd even vraag! De schilderijen van Sander Reijgers roepen die urge heel sterk bij me op. De kunstenaar zelf heb ik overigens nog niet ontmoet – ik ga zeker contact met hem opnemen.

Van wie ik stiekem al jaren een beeld op mijn verlanglijstje heb staan is Frode Bolhuis. Zijn ‘Joris’ – en hopelijk maak ik daarmee geen andere geïnteresseerde honden wakker – zou ik ooit graag naast mijn bank hebben staan. Allereerst omdat ik de huid van het brons en de imperfecties erin heel aantrekkelijk vind, en toch ook een beetje omdat ik dol ben op ridderverhalen. Het is een heel menselijk riddertje, dat er wat onbeholpen bij staat en zijn maliënkolder als een trui over zijn hoofd lijkt te hebben getrokken – heel treffend.


Small giants - Standing figure with collar, 2017. Frode Bolhuis.

Bekijk de Instagram-pagina van Merel van den Nieuwenhof

Gallery Viewer en Het Parool zijn op 18 april 2019 mediapartners geworden. De samenwerking bestaat uit een uitwisseling van content. Zo publiceert Het Parool wekelijks de rubriek ‘De keuze van…’ van Oscar van Gelderen en Manuela Klerkx in de krant en op de site. 

In this article