De titel Snakes and Ladders is een gevonden context die nauw aansluit bij de persoonlijke periode
waarin deze tentoonstelling is ontstaan, een tijd van terugblik en het herzien van patronen, gedrag en keuzes.
Snakes and Ladders is een spel gebaseerd op toeval, oorspronkelijk bedoeld als drager van morele lessen via decoratieve borden. Door de geschiedenis heen, vanaf de oorsprong in het oude India, is die moraal echter vervaagd. Tegenwoordig zijn er meer ladders (gemak) dan slangen (uitdagingen), wat de balans van het spel verandert. De titel reageert op een eerder idee voor de tentoonstelling, Doors and Brooms.
Interessant genoeg heb ik het spel zelf nog nooit gespeeld.
Een terugkerende vraag in mijn werk is hoe een materiaal zichzelf kan dragen. Het ophangmechaniek is daarbij niet alleen technisch, maar ook onderdeel van het object en mijn praktijk. Ik laat het object zo lang mogelijk zonder vaste bestemming, zodat het zich kan vormen naar een mogelijke context. Conceptueel gaat het om de ‘performativiteit van hyperonafhankelijkheid’ en de rol van een ondersteunende structuur. Historisch gezien draait het om schilderen met iets versus op iets. Wat heeft een materiaal nodig om te presteren? En hoe verhoudt dat zich, inclusief de industriële geschiedenis van techniek, tot mijn rol als maker? Dit beïnvloedt mijn beeldtaal, proces en praktijk.
Binnen de tentoonstelling zijn er verschillende bewegingen die deze vragen verkennen:
Geblazen glas en de samenwerking met Marc Barreda vormen een poging om volume en sculptuur in mijn beeldtaal te brengen. De zelfdragende vormen dagen de beeldtaal uit door een extra dimensie toe te voegen, waardoor een nieuwe hybride taal ontstaat.
Deuren en bezems zijn een poging om verschillende materialen en technieken samen te brengen in één consistent object. Normaal werk ik met één materiaal in een uitwisselend netwerk, maar hier zoek ik de verbinding tussen technieken.
De bezems komen voort uit een persoonlijke behoefte aan nieuwe bezems. Het landen in een eigen huis roept een gedomestificeerde vraag op: de spanning tussen noodzaak en decoratie.
Deuren en bezems stellen vervolgvragen over hoe materiaal zichzelf en elkaar kan dragen, en wat de draagkracht van beeld is in hedendaagse beeldende kunst en het object. Hierbij speelt de balans tussen fundamenteel/structureel en ornamentaal/decoratief een belangrijke rol.
De relatie tussen fundament en decoratie komt ook terug in mijn tekeningen, vooral met glas en vilt. Mijn tekeningen bouwen kleur en vorm op in een schilderachtige benadering, soms verdoezeld tot onleesbare gebaren. In deze tentoonstelling heb ik geëxperimenteerd met het extraheren van meer leesbare vormen uit digitale beelden, wat een spanning creëert tussen abstractie en figuratie.
Deze tentoonstelling onderzoekt zo de spanningen en verbindingen tussen materiaal, vorm, context en betekenis, met de vraag naar zelfdragendheid en performativiteit als rode draad.