Gerbrand Burger is bekend van zijn sculpturen van hout. Vaak verwijzen ze naar meubels, lijsten of vitrines, die staan voor wat Burger de kennissystemen noemt die een scheiding tussen de mens en de levende wereld in stand houden.
Afgelopen jaar verruilde Burger zijn riante atelier in Amsterdam Noord voor eentje in het zuiden van Finland. We spraken hem over het land waar hij de komende 2,5 jaar werkt, hoe een kleiner atelier andere manieren van werken mogelijk maakt, zijn circulaire praktijk en zijn Thinking Forest Foundation.
Werken uit zijn serie Note to Self zijn vanaf 5 september te zien bij Galerie Fontana, vestiging Amsterdam, in An Encounter: Materials, Nature And Time met werk van Claudy Jongstra en Mirte van Laarhoven.
Ik begreep van je galeriehouder dat je in Finland bent, een land dat bekend staat om hout, vooral gebogen hout voor meubels. Jouw materiaal is ook hout, dus ik vroeg af: ben je daar voor werk of is het vakantie?
Finland heeft enige invloed gehad op mijn keuze voor hout. Mijn partner, Sara Bjarland, is Finse en zij doet hier een residency die 3 jaar duurt. We zijn kort geleden met het gezin verhuisd naar Finland. We wonen nu in Ekenäs in een houten villa aan het water en we worden omringd door bos. De plaats ligt op iets meer dan een uur rijden van Helsinki vandaan. Het is officieel een stad, maar het voelt meer als een dorp.
Was het een grote verandering?
Ik ken het land wel heel goed, want ik kom er al zo'n 20 jaar. Het is verschil is wel dat je niet in de stad bent, zoals ik gewend ben in Amsterdam Noord, maar dat is eerlijk gezegd een verademing.
Gerbrand Burger, Note to Self #1, 2025, Galerie FontanaJe hebt een lange aanloop gehad naar het kunstenaarschap. Je hebt in Leiden Talen en Culturen van Latijns Amerika en Politieke Wetenschappen gestudeerd, voordat je naar de Rietveld bent gegaan. Werken die opleidingen eigenlijk door in je werk?
Nou, 'denkt na, 'dat is wel een beetje zo. Ik ben halverwege ontsnapt aan de academische wereld. TCLA heeft me de liefde voor Latijns Amerikaanse literatuur gebracht en daar refereer ik soms aan in mijn werk, bijvoorbeeld in de titels van werken. Op de Rietveld merkte ik dat ik daar veel aanhad. Medestudenten konden minder makkelijk theoretische onderbouwingen tot zich nemen of over hun werk schrijven.
Wanneer wist je dat het kunstenaarschap voor jou was?
Eigenlijk wist ik dat al wel na de middelbare school. Je moet hoog mikken, hielden mijn ouders mij voor. Volgens die logica is de universiteit beter dan de kunstacademie. Ik durfde aanvankelijk ook niet naar de academie, dus dan maar de universiteit.
Ik las dat je je eigen huis en je eigen atelier in Noord hebt gebouwd. Dit klinkt als een droom voor velen. Hoe is dat jou gelukt?
Ja, door het bouwen van dat huis besefte ik dat ik dingen moest maken met mijn handen, dat daar mijn kwaliteit en plezier ligt. Tot die tijd heb ik vaak geworsteld met opvattingen van anderen over wat kunst zou moeten zijn, waarbij vooral het vooraf conceptualiseren me in de weg zat. Mijn werk ontstaat in het maken zelf, ik denk met mijn handen.
Ik heb me er toen gewoon in gestort. Ik had het vaak over het bouwen van een eigen huis. Een vriend tipte mij over zelfbouwkavels. Op IJburg had iemand een huis gebouwd voor minder dan een ton. Dat kreeg ik gefinancierd en daarna heb ik het tussen 2011 en 2015 gebouwd.
En dat smaakte naar meer?
Misschien moet ik ook maar een atelier voor mijzelf bouwen, dacht ik daarna. Al snel haakte Niels Albers aan en Jean-Marc Mathy, die ik ook kende. Ik had gehoord over bouwkavels voor bedrijven en na lang bellen en mailen had ik er een op mijn naam en hebben we investeerders gezocht in ons eigen netwerk. Uiteindelijk hebben we ruim 4 ton opgehaald bij investeerders en de rest bij bank. In 2017 begon de bouwcrisis en daarna gingen de prijzen snel omhoog. Nu hebben we als coöperatie met 13 leden ons pand met 1200 m2 ateliers in eigendom.
Gerbrand Burger, Juddlike Chair with Formitopsis Betulina, 2022, Galerie FontanaIk neem aan dat het ook het ideale atelier is voor jou?
Jazeker! Het is 150 m2, het heeft hoge plafonds, vloerverwarming en goede machines. Ik heb die machines heel bewust niet allemaal verhuisd naar Finland. Dat stimuleert me om eenvoudiger te werken. Met handgereedschappen maak je kleinschaliger werk en vaak ook lichtvoetiger. Als je die machines wel tot je beschikking hebt, ga je ook manieren verzinnen om ze te kunnen gebruiken.
Hoe ziet een typische atelierdag eruit?
Ik kan je wel vertellen hoe ik mijn dagen vul in Finland, want ik heb hier ook een atelier en een nieuw ritueel. 's Ochtends doe ik wat bewegingsoefeningen en ga ik elke ochtend zwemmen hier vanaf de steiger -- kijken hoe lang ik het volhoud in de herfst. Daarna fiets ik naar school met de kinderen. In de ochtend ga ik aan het werk en na de lunch maak ik een rondje door het bos op mijn gravelbike.
Het is je eerste samenwerking met Galerie Fontana; hoe ontstond de samenwerking met de galerie?
Een paar jaar geleden ben ik een paar keer langs gegaan en heb ik een praatje gemaakt. Er was meteen enthousiasme, maar er kwam geen samenwerking uit voort. Dit voorjaar vroegen Joris en Stefan of ze op atelierbezoek konden komen. Ik was toevallig de dag daarop in Amsterdam. Die dag kwamen ze meteen langs en de dag daarop vroegen ze of ik wilde meedoen.
Jouw werk is te zien samen met dat van Claudy Jongstra en Mirte van Laarhoven - zijn er overeenkomsten tussen jullie werk?
Wat mij aanspreekt in het werk van Claudy is dat ze haar grondstoffen zelf verbouwt. Daarom wilde ik ook al met haar samenwerken met mijn stichting The Thinking Forest. Door haar manier van werken leer je als mens jouw plek in het geheel van de levende wereld beter kennen.
Mirte kende ik ook al, ik heb een werk van haar een paar jaar geleden getoond in een tentoonstelling van onze ateliercoöperatie. Zij houdt zich vanuit haar achtergrond als landschapsarchitect op een concrete manier met vergelijkbare thema's bezig zoals biodiversiteit, verandering en de wisselwerking tussen mens en natuur.
Is het redelijk om te stellen dat jullie alle drie een circulaire praktijk hebben?
Ik probeer omstandigheden te creëren waarin mijn werk zo min mogelijk nadelige gevolgen heeft voor de levende wereld, en mogelijk zelfs een gunstige invloed. Dit lukt met de houten sculpturen in het bos, die gemaakt zijn van hout van de plek zelf, en die daar ook blijven om te vergaan en weer deel te worden van de bosgrond.
Gerbrand Burger, Note to Self #5, 2025, Galerie FontanaIn de tentoonstelling is een serie te zien die Note to Self heet. Waar wil je jezelf graag aan herinneren?
Het is een intuïtieve titel. Het niet zozeer een notitie van mij aan mijzelf, maar het werk dat aan zichzelf refereert. Aan een deel van de lijst om precies te zijn. Toen ik het werk maakte, wilde ik graag het hout van de lijst laten zien. Door het zelfreferentiële van het tonen van de afdruk en het positief in hetzelfde werk, kwam ik op die titel.
In je sculpturen verwijs je vaak regelmatig naar meubels - ik heb tafels, bureaus en een aanzet naar stoelen gezien - lijsten en vitrines. De verwijzing naar meubels snap ik direct, maar kan je uitleggen wat je met de vitrines en lijsten wilt zeggen?
Met de vitrines en lijsten, waarvan ik het glas gedeeltelijk wegsnij, wil ik het gesprek voeren over de kennissystemen die een scheiding tussen de mens en de levende wereld in stand houden. Door ze open te maken omarm ik de vergankelijkheid van het werk.
Is het hergebruik van hout het centrale thema van je werk?
Ja, dat is wel het materiaal waar de onderwerpen van mijn werk uit voortkomen. Dat begon ongeveer 6 jaar terug, toen ik in mijn nieuwe atelier stond. Het stond helemaal vol met kratten en materiaal. Ik dacht: volgens mij is dit geen duurzame manier om sculpturen te maken.
Ik besloot met hout te gaan werken en dat als het ware terug te geven aan de natuur. Het eerste werk dat ik uitvoerde was een houten sculptuur op landgoed Welna, in de buurt van Epe. Die heb ik in het bos laten staan en die vergaat nu langzaam.
In die tijd ben ik veel gaan lezen over bomen, vergankelijkheid en langetermijndenken. Bijvoorbeeld Richard Powers' roman The Overstory, maar ook veel wetenschappelijke literatuur over deze thema's. Uit deze verkenning kwam mijn stichting Thinking Forest Foundation voort.
Inmiddels is er een langdurige samenwerking ontstaan met landgoed Welna met een jaarlijkse opdracht voor een kunstenaar. Dit jaar heeft Germaine Kruip haar werk Resonance Field gepresenteerd op Welna, zij heeft een geluidskunstwerk gemaakt dat bestaat uit 9 handgemaakte schaapsbellen. De schaapskudde van Welna maakt het werk hoorbaar als ze door het landschap beweegt.
Gerbrand Burger, Josef Albert’s for Walter Gropius with Fomitopsis Betulin, 2023, Galerie Fontana