Als wijsheid poëzie is die zingt in de geest, dan is het werk van Otobong Nkanga daarvan een visueel getuigenis.
In haar werk sijpelen glinsterende draden naar beneden als tranen van een waterval, stromen rivieren door lichamen als meanderende aders en doen fijn uitgesneden stenen denken aan diepe ontginningsputten of rijzen ze bij zonsopgang op als bergkammen.
Otobong Nkanga (geboren in 1974 in Kano, Nigeria; woont en werkt in Antwerpen, België) onderzoekt de aarde en haar omgeving in relatie tot ons lichaam. Ze werkt met uiteenlopende media, van sculptuur, installatie, performance, fotografie en poëzie tot video. Wat ze zelf constellaties noemt, brengt ze samen in een poëtisch samenspel van concepten uit cultuurgeschiedenis, antropologie, geografie en geologie. Daarbij verweeft ze diepgaand onderzoek met haar eigen ervaringen. Otobong Nkanga wordt vertegenwoordigd door Lumen Travo Gallery in Amsterdam.
Double Plot, 2018, geweven textiel (viscosebast,polyester, biokatoen, kaswol, acryl), inkjetprint op lasergesneden dibondplaten, 265 x 770 cm, collectie van de kunstenaar
‘Ik droomde over jou in kleuren.’ Met die poëtische woorden vertelde de moeder van Otobong Nkanga over een droom die ze had toen ze zwanger was van haar dochter. Haar poëtische voorspelling had nauwelijks treffender kunnen zijn: Otobong Nkanga is laureaat geworden van de prestigieuze Sikkens Prize 2026.
De Sikkens Prize is een belangrijke internationale onderscheiding voor grensverleggende bijdragen aan het begrip van kleur. De betekenis ervan reikt verder dan de beeldende kunst, en zelfs verder dan individuele kunstenaars. De prijs werd voor het eerst uitgereikt in 1959. Eerdere laureaten zijn onder anderen Gerrit Rietveld en Bridget Riley, maar ook de gemeentelijke straatreinigingsdienst van Parijs. Voor het eerst eert de Sikkens Foundation een laureaat met een solotentoonstelling. Humus Blues is van 27 oktober 2026 tot en met 28 februari 2027 te zien in museum Singer Laren. Tegelijkertijd is werk van Nkanga te zien in de groepstentoonstelling ReflAction in de Art Space van de AkzoNobel Art Foundation in Amsterdam, ter gelegenheid van het dertigjarig bestaan van de stichting.
Delta Stories, 2005-2006, spuitverf, inkt, pen en acrylverf op papier, collectie Wim van Dongen
Tijdens een besloten bezoek aan Humus Blues in Singer Laren lichtte Otobong Nkanga de tentoonstelling toe, haar woorden even rijk aan verfijnde nuances en ritmische texturen als haar beeldende kunst.
Humus Blues reflecteert de tijden. Het verleden, omdat de tentoonstelling werken samenbrengt uit verschillende periodes en plaatsen in Otobongs carrière; de verbindende factor is het land. Het heden, omdat Otobong reflecteert op de oorlogen die momenteel worden gestreden; onophoudelijke bombardementen verscheuren de aarde, de resten ervan rimpelen in de bodem, olijfbomen branden. En de toekomst, omdat de aarde zichzelf steeds opnieuw herstelt. Humus is immers het bestanddeel van de bodem dat rijk is aan organisch materiaal en bijdraagt aan de vruchtbaarheid en het herstel ervan.
Vanuit een plek van bedachtzame melancholie stelt Otobong de vraag: wat als humus emoties had? Welke emoties zouden dat zijn? De kleur blauw maakt een diepere emotionele inbedding mogelijk en verwijst tegelijk naar de bluesmuziek. Humus Blues wordt zo een manier om het tastbare, humus, en het ontastbare, emoties, met elkaar te verbinden.
The Trifurcation, 2023, drie klimaat-gecontroleerde glazen bollen (Muranoglas), planten, bodemmonsters,
hand geverfd touw, collectie van de kunstenaar. Foto Markus Tretter
Een treffend voorbeeld van die tastbare ontastbaarheid is het gedicht dat ze spontaan op de museumwand schreef, zonder voorbereiding. Ze schetst een wereld die zich door verschillende minerale en plantaardige lichamen beweegt, waarbij het gedicht geen doel op zich is, maar de ruimte vult met zuurstof en leven laat ontspruiten uit zijn wortels met tinten, geluiden en gezangen die naar Nirvana reiken.
Otobong beschouwt kleur als een portaal naar verschillende werelden, waardoor we op een ruimere manier naar kleur leren kijken. Doorheen de tijd en dankzij haar ervaringen leerde ze hoe complex de betekenis van een kleur kan zijn voor verschillende mensen en op verschillende plaatsen. En toch keert ze ook terug naar het gemeenschappelijke: blauw bevindt zich boven ons in de lucht, en omringt ons door de zee.
Blauw, en vooral indigo, is sterk verbonden met Otobongs jeugd. Ze koestert mooie herinneringen aan het maken van indigoverf: bladeren fijnstampen, as toevoegen en het mengsel laten fermenteren, om vervolgens te zien hoe een groen blad verandert in een diep blauw-paarse kleurstof. Toen ze opgroeide, waren er geen kant-en-klare materialen; alles moest van nul af aan worden geleerd. Pas wanneer de tinten begonnen te verschuiven, begon ook het inzicht te groeien van wat er in de onderwereld van het materiaal leeft.
Unearthed – Twilight, 2021, geweven textiel (trevira, elirex, outdoor-polypropylene, multifilament, mohair, monofilament, fulgaren, sidero, katoen, acryl, viscose), 350 x 600 cm, Defares CollectionKennis wordt zo een geleefd en belichaamd archief. Het doorgronden van de alchemie van malachiet was een onderdeel van dat proces. Ze herinnert zich hoe ze met een stuk malachiet in haar handen door de straten van Berlijn liep. Plots viel haar oog op een koperen deur en vermoedde ze dat die iets met het mineraal te maken had. Ze begon malachiet te onderzoeken en ontdekte dat het voor 76% uit koper bestaat. Wanneer koper wordt verwerkt, krijgt het een rozige, oranjeachtige tint, maar door oxidatie kleurt het roestig groen. De natuur vindt echter altijd manieren om door kieren heen te breken. Koper keert steeds terug naar zijn oorspronkelijke kleur: een diep, warm groen.
Kijken we naar de industrie, dan zien we dat veel koper behandeld wordt om oxidatie bewust tegen te gaan, zodat het groen nooit terugkeert. Voor Otobong roept dit vragen op over handel en ontginning in verschillende delen van de wereld, over de centrale rol van koper in de elektriciteitsvoorziening en over de bredere gevolgen van de winning ervan voor het land. Nigeria, een land rijk aan grondstoffen, kampt immers nog steeds met aanhoudende en langdurige stroomonderbrekingen.
Steel to Rust – Meltdown, 2016, geweven textiel (linnen, polyester, merinowol, viscose, rubberen Verdi, reflectief garen), gemonteerd op aluminium lijsten, 222 x 306 cm, Defares CollectionHet was Otobongs moeder die haar leerde dat niets in de wereld op zichzelf staat. Al van jongs af aan wordt haar leerproces gedreven door nieuwsgierigheid. Ze herinnert zich hoe ze zich verdiepte in de wereld van de kikker en door de bladzijden van de Encyclopaedia Britannica bladerde om niet alleen de amfibie zelf te onderzoeken, maar ook alles wat ermee samenhangt: zijn vroegere en huidige leefomgeving, zijn etymologie, zijn entomologie, zijn mythologie. Tegen de tijd dat ze klaar was met het verkennen van de kikker, had ze de wereld ontdekt.
Dat bracht me op mijn beurt bij een haiku van de Japanse dichter Matsuo Bashō, geschreven in 1686:
Een oude vijver
Een kikker springt erin —
Het geluid van water.
Deze haiku telt slechts elf woorden en is vertaald in tientallen talen. Alleen al in het Engels bestaan er 135 verschillende versies. Geen enkele vertaling kan de gelaagdheid van deze drie korte regels volledig vatten.
Het gedicht bevat zo’n rijke verstrengeling van betekenissen en werelden dat het proberen te vatten ervan in één enkele lezing misschien even uitdagend is als Humus Blues proberen te definiëren.
Fading Breath, 2023, geweven textiel (viscose, multifilament, merinowol, elirex, superwash wol, monofilament, acryl) gemonteerd op aluminium lijst, 150 x 90 x 4 cm, Defares Collection / Otobong Nkanga, juni 2026 - Copyright Wim van DongenOtobong Nkanga schenkt het volledige prijzengeld van € 75.000 aan Carved to Flow, de stichting die ze in 2017 samen met haar broer in Nigeria oprichtte. De stichting heeft grond aangekocht om er een biodiverse tuin aan te leggen met planten die geneeskrachtige eigenschappen hebben of deel uitmaken van lokale culturen. Ze wil lokale ambachtelijke kennis documenteren en doorgeven aan jongere generaties, zodat de diepe verbondenheid met het landschap behouden blijft en verder kan groeien.
De stichting bevindt zich in de geboorteplaats van Otobongs overleden vader. Ze voelde intuïtief aan dat dit de plek was waar de stichting moest komen. Pas toen ze in 2018 naar het dorp terugkeerde, nadat de grond was aangekocht, ontdekte ze dat het precies het stuk grond was dat haar vader in de jaren zeventig had willen kopen, maar dat hij uiteindelijk nooit had kunnen waarmaken.