Het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen (KMSKA) presenteert tot en met 17 januari 2027 de tentoonstelling ‘Guy Vandenbranden in de Europese avant-garde’. De expositie, honderd jaar na de geboorte van de kunstenaar, werd gerealiseerd in samenwerking met de Estate Guy Vandenbranden en Callewaert Vanlangendonck Gallery.
De Belgische kunstenaar Guy Vandenbranden werd in 1926 geboren in Elsene, Brussel, en overleed in 2014 in Antwerpen, waar hij vanaf 1960 woonde. In zijn praktijk verkende hij de mogelijkheden van geometrische vormen, vanuit een bredere zoektocht naar evenwicht, ritme en harmonie. Zijn zorgvuldige composities worden getekend door scherpe lijnen, opvallende kleurcontrasten en strakke vormen die niet zelden diepte en beweging impliceren. De ogenschijnlijke eenvoud van zijn vormen maskeert een uitvoerig onderzoek naar de wisselwerking tussen kleur, vorm, spanning en ruimte.
Vandenbranden begon zijn carrière aanvankelijk als figuratief kunstenaar met expressionistische invloeden. Vanaf de jaren vijftig liet hij het herkenbare beeld langzaam los. Hij begon met werken in een lyrisch-abstracte stijl, maar vanaf 1954 vond hij zichzelf in de geometrische abstractie en het constructivisme. Hij werd daarbij geïnspireerd door het werk van kunstenaars als Paul Klee, Piet Mondriaan en Victor Vasarely, maar ontwikkelde een geheel eigen beeldtaal. Vandenbranden speelde in zijn praktijk met verhoudingen, spanning, kleur en compositie en liet zo zien hoe kleine verschuivingen een totaal andere visuele ervaring kunnen genereren.
In 1958 experimenteerde hij tijdelijk met een veel beperkter palet van zwart en wit en later vertaalde zijn onderzoek naar vorm en ruimte zich ook naar reliëfs en abstracte sculpturen. De kunstenaar varieerde ook met uiteenlopende materialen en technieken, waaronder formica panelen en cellulose (spuit)verf. Deze industriële en sneldrogende lak paste perfect bij de strakke lijnen, scherpe overgangen, optische effecten en egale kleurvlakken die hij voor ogen had. De hand van de schilder werd daarbij langzaam onzichtbaar.
Vandenbranden had ook een diepgaande interesse voor architectuur en onderzocht hoe zijn geometrische beeldtaal onderdeel kon worden van een gebouw of een grotere ruimtelijke omgeving. Vanaf het einde van de jaren zeventig realiseerde hij monumentale opdrachten voor openbare gebouwen waardoor die ambitie concreet vorm kreeg, buiten de traditionele context van een museum of galerie.
Gelijktijdig met de tentoonstelling brengen Callewaert Vanlangendonck en de Estate Guy Vandenbranden ook een omvangrijk nieuw boek uit over het oeuvre van de toonaangevende kunstenaar, die wordt beschouwd als een van de belangrijkste Belgische vertegenwoordigers van de geometrische abstractie en het constructivisme. Daar ging jarenlang archiefonderzoek aan vooraf, onder meer gebaseerd op persoonlijke brieven, foto’s, schetsen en catalogi en documenten van eerdere tentoonstellingen. De publicatie biedt nieuwe inzichten in de ontwikkeling van zijn werk, maar ook zijn rol binnen de Europese naoorlogse avant-garde. Het geeft goed weer hoe nauw zijn artistieke praktijk verbonden was met de internationale kunststromingen van zijn tijd. Zo wisselde Vandenbranden ideeën uit met kunstenaars als Lucio Fontana, Piero Manzoni, Yves Klein en François Morellet.
In de expositie in het KMSKA wordt de praktijk van Vandenbranden dan ook bekeken binnen de bredere context van de Europese avant-garde, omdat de naoorlogse abstracte kunst eigenlijk niet los kan worden gezien van het bredere artistieke ecosysteem. Ideeën reisden immers voortdurend over landsgrenzen heen: via tentoonstellingen, persoonlijke relaties en samenwerkingsverbanden.
Belgische kunstenaars speelden een belangrijke rol in dit dynamische en internationale netwerk van ideeën en artistieke vernieuwing. Vandenbranden was als lid of mede-oprichter betrokken bij verschillende kunstenaarsgroepen en initiatieven, waaronder Art Abstrait, Formes, de Internationale Werkgroep voor Constructivisme en de Nieuwe Vlaamse School. Daarbij was hij goed bevriend met Jef Verheyen, met wie hij een eigen galerie had willen starten. Vandenbranden organiseerde bovendien tentoonstellingen en zette zich in voor de internationale zichtbaarheid van Belgische abstracte kunst. En hoewel hij nooit officieel deel uitmaakte van de ZERO-beweging, zijn er zichtbare overeenkomsten tussen zijn werk en de experimenten van kunstenaars binnen deze beweging.
Het werk van Vandenbranden wordt in het KMSKA getoond naast werk van Jef Verheyen, Lucio Fontana, Pol Bury, Yayoi Kusama en Günther Uecker.
De schilderijen, reliëfs en sculpturen van Vandenbranden worden in het museum bovendien onderdeel van een bredere ruimtelijke ervaring. Tegen de donkerblauwe wanden komen de heldere kleuren van de werken buitengewoon goed naar voren. Zijn geometrische vormen vinden letterlijke en figuurlijke spiegeling in de architectuur van de ruimte: in de reflecterende vloer, een grote glazen kubus in het midden van de zaal, de strakke lijnen van een bank en uitsparingen in de muur die, afhankelijk van het perspectief, rechthoekig of driehoekig ogen.