‘Wat goed is, komt snel’, is een cliché uit het voetbal dat wordt gebruikt als een jeugdspeler debuteert en zich vervolgens geruisloos het eerste elftal in speelt. Op exceptionele talenten is leeftijd niet van toepassing, die komen al bovendrijven wanneer leeftijdsgenoten nog met groeipijnen rondlopen, is de strekking ervan.
Voor kunstenaars is er ook geen debuutleeftijd. Er is geen ondergrens, maar de meeste debutanten hebben eerst de middelbare school afgemaakt en daarna de kunstacademie bezocht, en zijn dus ergens halverwege de twintig. Een enkeling is autodidact en een nog een kleiner groepje is minderjarig.
Alf Peters is nog ruim 6 jaar minderjarig, toch heeft hij al een naam voor zichzelf opgebouwd met lijntekeningen vol verschillende patronen naast en over elkaar. Zijn werk is druk, speels en uitermate kleurrijk. Ook heeft hij al samenwerkingen met merken als Moooi, Wieden + Kennedy, Klabu en de Groene Afslag. Later deze maand debuteert Alf Bärbel Wit Peters, zoals hij voluit heet, op elfjarige leeftijd met eigen werk op de KunstRai bij SmithDavidson Gallery. We spraken hem na schooltijd en voor een voetbaltraining.

Van lijn naar lijn
Alf begon op tweejarige leeftijd met tekenen en is sindsdien niet meer opgehouden. ‘Ik begon met simpele lijntekeningen en die zijn steeds groter geworden’, zegt Alf. ‘Mijn tekeningen beginnen klein en blijven groeien. Ik ga van lijn naar lijn. Het is een kettingreactie van kleuren en lijnen.’ Over zijn uitbundige kleurgebruik zegt Alf: ‘Er kan niet genoeg kleur zijn in de wereld.’
‘Ik teken iedere dag, en over een groot werk doe ik ongeveer een maand. Het hangt er een beetje van af hoe snel ik precies ben, want ik speel ook nog piano en voetbal’. ‘Een beetje verveling is ook goed’, vult vader Antoine Peters aan, ‘maar meestal gaat Alf dan tekenen’. Peters senior is eveneens kunstenaar en vertelt dat opdrachtgevers aanvankelijk hem benaderden, omdat ze voetstoots aannamen dat hij het werk had gemaakt.
‘Het toffe is dat SmithDavidson Alf heeft opgenomen in hun programma en dat hij evenveel ruimte krijgt als volwassen kunstenaars.’ Volgens David Smith sluit Alfs werk aan bij een lange traditie van kunstenaars die abstractie niet benaderen als concept, maar als noodzaak.
De samenwerking met de galerie ontstond heel natuurlijk. De galerie volgde Alf al een tijdje. En bij de kennismaking tussen Alf en Smith viel het op zijn plek. Alf verteld, ‘Wat ik vooral zo leuk vond was hoe enthousiast David vertelde over de kunstenaars in zijn galerie en de kunstwerken die om ons heen hingen.’

Lekker thuis met een muziekje op
Alf maakt al zijn werken thuis met een koptelefoon op. Het liefst luistert hij naar The Weeknd en Joost Klein. ‘Ik luister altijd muziek tijdens het maken. De muziek heeft een bepaalde connectie met het werk.’ Alfs werken kan je lezen als een vertaling van het gevoel dat een nummer bij hem oproept.
Mede om die reden hebben Alfs werken ook geen boven of onderkant: ‘Je mag ze ophangen zoals je wilt en je mag erin zien wat je wilt’. Hij ontleent de titels van zijn werken dan ook vaak aan zijn lievelingsnummers en muziek die hij op de piano speelt. Op de KunstRai zijn onder meer de werken Balloon, naar het nummer Luchtballon van Joost Klein, Popcorn van Gershon Kingsley, Memories van Maroon 5 en Jump van BLACKPINK te zien.
Wat de toekomst gaat brengen, weet Alf nog niet, ‘Ik ben lekker aan het tekenen en zie wel wat er gebeurt’, maar hij heeft wel een voorkeur voor samenwerkingen. ‘Van het een komt het ander. Samenwerken is het allerleukste dat er is.’ Ook borrelt Alf van de ideeën voor werken. ‘Mijn droom is om nog eens een auto te beschilderen, waar ik dan in kan rijden.’
