18401 is de titel van het galeriedebuut van Anthony Duffeleer in Art Gallery De Wael 15. Dat is geen willekeurig getal, maar het aantal dagen dat Duffeleer in het ondermaanse doorbracht tot de opening van de expo. In de tentoonstelling laat de bekende architect en vormgever voor het eerst vrij werk zien waaraan hij de afgelopen 20 jaar werkte. Duffeleer maakt sculpturen en assemblages van en met voorwerpen die hij vindt of ergens op de kop tikt. Dit onder het motto dat toewijding noodzakelijk is, maar dat het kunstenaarschap de kunstenaar geenszins mag gijzelen.
Waar is uw atelier en hoe ziet het eruit?
"Mijn atelier is thuis en heeft 3 ruimtes. Mijn werkplaats, mijn bureel en mijn hoofd. Soms werk ik in Murs in de Provence, pen en papier volstaan dan."
"Een atelier is een tool om gedachten concreet om te zetten in tastbaar werk. Ik heb wat tools, veel kasten met objecten, veel boeken en een iMac. Het moet dingen faciliteren, niets meer en niets minder. Een interessant gesprek doet dat ook, op dat moment is mijn atelier niet tastbaar."

Uw eerste solotentoonstelling heet 18401, een getallenreeks die willekeurig lijkt, maar dat geenszins is. Het is het aantal dagen vanaf uw geboorte tot de vernissage. Dat eindpunt lijkt een zo een schaduw te werpen op alle 18400 dagen daarvoor. Beschouwt u alle dagen daarvoor als opmaat voor uw soloshow of werk als kunstenaar?
"Correctie, het is het aantal dagen waarin ik geleefd heb, inclusief mijn geboortedag. De eerste dag van de expo is 18401 de laatste 18437, voortschrijdend dus altijd, zoals mijn werk. Een beetje zoals een video still, maar dan live."
U was hiervoor onder andere architect, goudsmid, vormgever en ondernemer was en ontwikkelde daaraan uw praktijk als kunstenaar. Wat kan u in uw kunstwerken kwijt dat u niet in uw overige werk kwijt kan?
"Het parallelle karakter is constant aanwezig, ik ben immers nog steeds actief in diverse disciplines. Ik beschouw het kunstenaarschap niet als een manier om me te ontdoen van iets, maar veeleer als middel om interactie op te starten met de kijker, en in het verlengde daarvan, met de maatschappij. Die interactie wordt gevoed door datgene waarmee ik in dat multidisciplinaire traject in aanraking kom; een luxe aan veelheid dus."

In het persbericht bij de tentoonstelling staat dat u ervan overtuigd bent dat toewijding noodzakelijk is, maar dat het kunstenaarschap de kunstenaar geenszins mag gijzelen. Is dat mede de reden dat u nu, na 18401 dagen, naar buiten treedt met uw werk?
"Dat heeft er ongetwijfeld mee te maken. Dingen moeten soms rijpen en als ze rijp zijn kunnen ze gedegusteerd worden. Ik laat de kijker ook soms proeven. Ik hou ervan om werken te (laten) testen, zoals een prototype van een wagen, of een medisch toestel. Dat doe ik door ze te tonen, daardoor krijg je interactie en dat is een tool om verder te gaan, om te verfijnen."

De ingrepen die u doet en assemblages lijken soms minimaal, waardoor uw beelden iets intuïtiefs en speels hebben. Tegelijk geven ze blijk van een vrolijk soort zwarte humor. Is dat iets waar u mee bezig bent tijdens het maken of komt dat er als vanzelf in?
"Een werk is een resultante van een proces. Tijdens zo’n proces sluipt er van alles in, niet altijd onmiddellijk of met voorbedachtheid, het zijn laagjes die ontstaan. De eindlaag wordt door de kijker aangebracht, of beter nog de kijker mag het werk pellen. Ik vind humor belangrijk maar evenzeer arrogantie of stigma, het zegt iets over hoe we als mens zijn en denken."
Uw werk bestaat vaak uit gevonden voorwerpen. Waar haalt u die zoal vandaan?
"Ik koop ze meestal, soms worden ze me aangereikt, heel intuitief en meestal niet uit voorbedachtheid. Soms worden ze pas jaren na de aankoop ingezet, soms onmiddellijk zoals bij The Anticpant I."

De titels van de werken lijken een integraal onderdeel ervan, ze geven de werken een extra lading, zoals Mental Inertia voor een zak elastieken. Ook past u de titels van de werken nog wel eens aan als ze getoond of verkocht zijn. Waarom doet u dat?
"Ik maak geen werk voor de eeuwigheid. Mijn kijk op de dingen wordt beïnvloed door vele parameters, het is een dynamisch gegeven. Werken kunnen evolueren in de tijd, zowel wat betreft hun fysisch voorkomen evenals de manier waarop ze gelezen, geïnterpreteerd kunnen worden, zo ook de titel dus. De titel is een tool, zoals je duim om een sinaasappel te kunnen pellen. Ik maak de inkeping in de pel, de rest moet je zelf ontdekken."
Als geld geen rol zou spelen, welk project zou u dan willen realiseren? Ik kan me voorstellen dat u met uw achtergrond als goudsmid wel raad weet met een carte blanche.
"Geld is in onze leefwereld een belangrijk gegeven, daar ben ik me van bewust. Desalniettemin is dat niet de katalysator om een bepaald werk te maken of niet. Kunst laat toe om te delen, freedom of speech zeg maar. Geld, wat gelijk staat aan macht in ons westers denken zou moeten ingezet worden om dit te vrijwaren."

Waar werkt u op dit moment aan?
"De moeilijkste vraag, aan alles en niets tegelijkertijd. Constant worden er dingen geïnitieerd. De uitkomst ervan is niet altijd gepredefinieerd. Alles is gestructureerd, mijn tools, mijn objecten, zelfs mijn gedachten (die ik veelal inventariseer als ze voorkomen), dat genereert ruimte in dat deel van mijn atelier, mijn hoofd. Op het moment dat ik een werk maak is het eigenlijk al af. Het ‘maken’ is de laatste stap en enkel noodzakelijk om te kunnen tonen. Daarnaast werken we aan een boek, geen overzichtswerk wel een intuïtieve compilatie, de preview is voorzien voor de finissage."