ZEIT in Antwerpen toont tot en met 6 november een bijzondere ode aan het werk van Bernd Lohaus. Zijn werk wordt in de tentoonstelling ‘Zwischen meinen Ichs’ getoond naast het werk van twee kunstenaars die hem bewonderen: Laurence Petrone en Erik Haemers. Daarnaast zie je in deze expositie een reeks lampen van de Braziliaanse designer Dimitrih Correa, gecombineerd — geheel in de stijl van de galerie — met het werk van een reeks naoorlogse, abstracte kunstenaars. De galerie ging voor deze tentoonstelling een nauwe samenwerking aan met de Bernd Lohaus Foundation, de stichting achter de invloedrijke Duitse beeldhouwer, schilder en tekenaar die in 2012, twee jaar na zijn dood, werd opgericht door zijn vrouw en twee kinderen.
Bernd Lohaus werd in 1940 geboren in Duitsland en had daarmee geen aandeel in de oorlog waarmee zijn eerste jaren zo scherp samenvielen. Hij studeerde aanvankelijk beeldhouwkunst, voordat hij zich net als veel andere jonge, nieuwsgierige kunstenaars aansloot bij de beroemde Kunstakademie van Joseph Beuys, die als een mentor zou fungeren. Naarmate de carrière van Lohaus zich ontvouwde begon hij zich in steeds meer media te ontwikkelen: naast beeldhouwkunst ook in installatie, schilderen, tekenen en schrijven. Vaak distilleerde hij zijn materialen — meestal hout, steen en papier — tot hun essentie, ontdaan van alle overbodige elementen. Deze werken ogen eenvoudig, maar worden doordrenkt door een zekere poëzie in de vorm van woorden en zinnen. Ze staan daarnaast altijd in relatie tot hun omgeving. Het werk van Lohaus werd sterk beïnvloed door taal, maar ook door bewegingen en stromingen als Fluxus, Arte Povera, Minimal Art en het materialisme.
Het grootste deel van zijn leven zou hij in Antwerpen wonen. In 1965 opent hij daar met zijn (toekomstige) vrouw Anny De Decker de avant garde Wide White Space gallery (in hun woning!), waar ze onder meer werk toonden van Marcel Broodthaers, James Lee Byars, Daniel Buren, Panamarenko, Bruce Nauman, Gerhard Richter, Christo en Joseph Beuys. Daarnaast werkte hij verder aan zijn eigen praktijk. Lohaus vond zijn materiaal regelmatig langs de oevers van de Schelde, afkomstig uit de haven, dat hij vervolgens minimaal bewerkte. Hij had daarnaast ook een voorkeur voor Azobe hout, één van de hardste houtsoorten uit West-Afrika. Zijn werk was onder andere te zien in een groot retrospectief in SMAK in Gent, het M HKA en het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen. In 1992 was zijn werk te zien in documenta IX en het werd onder meer opgenomen in de Pinault Collection.
Het M HKA in Antwerpen stelt dat “zijn werken de relatie onderzoeken tussen 'Ich' en 'Du' (ik en jij), tussen de kunstenaar, de kijker en het kunstwerk, maar ook tussen mensen onderling en tussen mensen en dingen in het algemeen.” Zelf stelde Lohaus bovendien: “Ich bin zwischen meinen Ichs”, een zin die Laurence Petrone inspireerde toen haar werd gevraagd voor een bijdrage aan de nog te vormen tentoonstelling in ZEIT.
Petrone werd 47 jaar later dan Lohaus geboren en studeerde onlangs af aan de afdeling sculptuur van de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Antwerpen. Naast beeldhouwer is ze ook historicus en auteur en gedurende de loop van de tentoonstelling in ZEIT presenteerde ze haar nieuwe boek Weerloos, een bloemlezing van het werk van de bekende Belgische kunsthistoricus, schrijver en vormgever Hans Theys. Net als Lohaus is ook Petrone gefascineerd door de relaties tussen de kunstenaar, het werk, de ruimte waarin het zich bevindt en de kijker. Daarnaast deelt ze zijn liefde voor taal; in de tentoonstelling in ZEIT zijn sommige van haar gedichten te lezen op loden vellen. Een ander getoond werk van haar hand bestaat uit stukjes kalksteen, wapeningsstaal en touw en maakte deel uit van haar afstudeercollectie NOUS (Autrefois Toi). Net als Lohaus heeft ze een combinatie van veelgebruikte materialen, in haar geval koper, lood, kurkuma, maïs en marmer.
ZEIT vroeg ook Erik Haemers om deel te nemen aan de openingstentoonstelling van het nieuwe seizoen en toen bleek dat ook hij een liefhebber is van het werk van Lohaus werd de richting van de expositie helder. Haemers werkt overigens in een combinatie van analoge en digitale technieken, met een speciale voorkeur voor de oneindige mogelijkheden die industriële technologie biedt. Hij is naast kunstenaar ook werkzaam als curator. Haemers titelt zijn werken geregeld met serie-namen als ‘grid’, ‘drop’, ‘layers’, ‘frame’, ‘corner’ en ‘lines’, maar verder krijgt de kijker alle kans om het werk in alle vrijheid te interpreteren. Zelf laat de kunstenaar zich onder meer inspireren door de kunstgeschiedenis, architectuur, design, mode en fotografie.
Naast het werk van deze kunstenaars kun je in ‘Zwischen meinen Ichs’ in ZEIT ook werk zien van kunstenaars als Sol LeWitt, Pol Mara en Heinz Mack, vergezeld door een reeks unieke, sculpturale lampen van de Braziliaanse designer Dimitrih Correa, die zowel aan de Federale Universiteit van Rio de Janeiro studeerde als aan het Dublin Institute of Technology. Hij maakt voor deze lampen gebruik van gerecycled hardhout dat hij weet te redden uit panden in Rio de Janeiro die bestemd zijn voor de sloop — en op deze manier toch op een andere manier verder leven.