What you see is not what you get
Charlot Van Geert zet dingen op hun kop, figuurlijk dan. Ze schudt ons onwrikbaar vertrouwen in object en materie door elkaar. Door voorwerpen van hun schijnbaar evidente betekenis te ontdoen, creëert ze nieuwe contexten, humoristische situaties en kritische reflecties op de objecten en de kunst waarmee we ons omringen.
Als beeldhouwer gaat ze subversief om met de materialen die haar traditioneel gegeven zijn. Daarmee daagt ze niet alleen hun werkelijkheid uit, maar ook haar eigen rol als kunstenaar. Van het werken met minder ‘hoge’ materialen als karton, piepschuim of PU-schuim, tot de connectie tussen het ‘correcte’ materiaal en de ‘gepaste’ look (waterpassen van brons, lampen van piepschuim): Van Geert zet ons graag op het verkeerde been.
Ze speelt een spel met design en de functies van objecten: is het een gebruiksvoorwerp of is het kunst? Als een kandelaar kunst is, mag je er dan een kaars in branden? Zodra die vraag zich opwerpt, gaat het ook over de sacraliteit van kunst: heeft iets nog een artistieke waarde wanneer het gemanipuleerd kan worden, vuil kan worden, mag vallen? Voor vingerafdrukken hoeft er geen angst te zijn: die van de kunstenaar zijn vaak aanwezig, ook in bronzen reliëfs, waarin de sporen van het geknede wassen model nog duidelijk te zien zijn. Het is alsof Van Geert doelbewust haar spreekwoordelijke voeten veegt aan de hoge status van kunst – ook letterlijk, met haar bronzen deurmat of sixpack blikjeshouder, en door andere dagelijkse voorwerpen te verheffen in artistiek hoogstaande materialen. Waarmee ze die ook uit hun comfort zone haalt: haar eigenwijze technieken doen bijvoorbeeld de schijnbare, trotse onaantastbaarheid van brons teniet.
Haar focus op objecten evolueert naar een breder onderzoek rond sociale gebruiken en de betekenis die bepaalde voorwerpen daarbinnen krijgen. Wanneer iemand bedlegerig of in het ziekenhuis opgenomen is, bestaat de gewoonte een fruitmand te schenken. Deze traditie geeft een woordeloze boodschap van troost en goede wensen; het is het letterlijk uit handen geven van een ‘spoedig herstel’, maar ook een handige afwijking van een dieper en mogelijk moeilijk gesprek over datzelfde herstel. De fruitmand zelf vormt een ironisch contrast met de reden van zijn bestaan: de vrolijke kleuren, de vanzelfsprekend gezonde, glimmende vruchten, de blije banaliteit van het geheel en de verpakking. Hetzelfde kan gelden voor bloemen. Hoe absurd is het eigenlijk dat bloemen worden geschonken bij gelegenheden gaande van verjaardagen en geboortes tot begrafenissen? Alsof ze ons, in hun kleurrijke vergankelijkheid, vergezellen bij alle belangrijke gebeurtenissen in een mensenleven.
Bovenop dat alles zijn fruitmanden en bloemen in de kunstgeschiedenis populaire subgenres van het stilleven. Met werken die in verschillende onderlinge constellaties kunnen bestaan, gaande van panelen met houtskool op waterverf, loodzware, zwartgeverfde vruchten en bloemen en tekeningen in brons, draait ze in deze nieuwe reeksen dus weer de kunstgeschiedenis een loer.
De werken in een toonruimte vormen telkens een installatie op zich. Af en toe zal Van Geert zelfs ter plaatse significante wijzigingen uitvoeren. De nieuwe contexten die ze creëert roepen, net als al haar werken, dubbele gevoelens op: humor en luchtigheid enerzijds, maar anderzijds ook een zekere donkerte of zwaarte: een lach en een traan. Zo zal de beschouwer misschien in aanraking komen met een neon op ideale schouderhoogte voor een knuffel (maar alles wat we zien is een lichtgevende lijn, bijna als een penseelstreek), schijnbaar wankele krukjes (kunnen we erop zitten of begeven ze het dan?) en muren van piepschuim.
Van Geert schopt tegen de schenen van de kunstgeschiedenis en alle evidente betekenissen in kunst en het dagelijks leven. Maar dat doet ze niet zomaar. Ze creëert geen chaos, maar ironie. Ironie is een vorm van humor, die verwachtingen schept en die vervolgens niet inlost, maar afbreekt. Er schuilt een grote complexiteit in het gebruik van ironie: een spel met psychologie, evidentie, timing, subtiliteit, dat Van Geert in heel haar oeuvre speelt. What you (think you) see is never what you get.
Tamara Beheydt, januari 2022