In Translucent XIX neemt Karen van de Vliet de vlek als uitgangspunt: een onvoorspelbare vorm die zich niet volledig laat controleren en daardoor ruimte biedt aan onverwachte schoonheid. Haar fascinatie voor dergelijke vormen ontstond in haar jeugd, toen alledaagse taferelen - zoals een regenplas met herfstbladeren - tegelijkertijd mooi en enigszins vreemd konden zijn.
Transparante verflagen, helder afgebakende lijnen en dikkere verfpartijen komen samen in een compositie die midden in haar beweging lijkt te zijn stilgezet. Lichtblauw, zwart en gebroken wit worden doorsneden door rood, geel en fluorescerend roze. Onderliggende kleuren, bewegingen en sporen blijven zichtbaar, waardoor het werk van dichtbij steeds nieuwe details prijsgeeft.
In Translucent XIX brengt Van de Vliet spontaniteit en structuur zorgvuldig in evenwicht. Het werk beweegt tussen toeval en controle, visuele aantrekkingskracht en een subtiel gevoel van vervreemding.