Zoals steeds ga ik dadelijk op zoek naar het verhaal achter de werken. Noem het gerust een gezonde vorm van beroepsmisvorming. Wie, wat, waarom. Sofie corrigeert me meteen. Geen dialoog van onderwerpen. Een dialoog van kleuren. Ik klap mijn notitieboekje dicht. Een glaasje wijn wordt uitgeschonken. Een dialoog lonkt.
Er is hier geen thema dat je kan navertellen op een verjaardagsfeestje. Geen krantenkop, geen these. Er is alleen de vraag of twee stijlen elkaar kunnen vinden zonder ooit hetzelfde te worden. Dat is minder dan een verhaal en meer dan decoratie. Het is, denk ik, wat een goed gesprek ook is.
Christophe Malfliet, En route, 2026, Gallery Sofie Van den Bussche
En route, in stilte
Rechts een auto. Wit, zwart omlijnd, half tekening, half tantrum. Eronder, met de hand: EN ROUTE. Christophe Malfliet schildert zoals iemand praat die niet kan zwijgen. Spuitbus hier, applicatie daar, plots een stukje borduursel tussen de verf, als een grap die hij zichzelf toestaat. Popart met een kater.
Malfliet is de kunstenaar die het volume opendraait. Figuratie en abstractie botsen in hetzelfde vlak. Een berg duikt op, dan weer een dier, dan weer niets herkenbaars, alsof het beeld halverwege van gedacht veranderde. Hij werkt met wat voorhanden is: verf, spuitbus, een lap stof, …. Niets is te min om binnen te laten.
Links, twee doeken. Beide een verticale val van blauw naar iets zachters. Het ene ruw, geschraapt, een litteken onder een pleister. Het andere glad, blauw dat wegsmelt in waas. Bijna lucht. Jonas Callaert noemt het geen landschap. Het is er wel een, alleen heeft het zijn voorstelling afgelegd. Hij reist, fotografeert, knipt, plakt en haalt uit de collage een kleur. Soms is het precies de kleur die in de lucht zat.
Wat overblijft is geen reproductie van een plek maar een destillaat ervan. Een berg wordt een grijsblauwe schaduw. Callaert schildert geen plekken, hij schildert wat een plek achterlaat nadat je ze (bijna) vergeten bent. Dat is een ander soort landschapskunst dan we gewoon zijn: geen venster op de wereld, maar het residu ervan.
Ce matin-là, Christophe Malfliet & Jonas Callaert, Gallery Sofie Van den Bussche
Rustmomenten eisen
Twee mannen, twintig jaar verschil. Een vriendschap ontstaan in een leszaal waarvan niemand het adres nog herinnert. De een luid, de ander stil.
Sofie dacht dat het werk van Callaert naar Malfliet zou luisteren. Op een bepaald moment werkte het omgekeerd. Rustmomenten eisen, zonder het met zoveel woorden te zeggen. Niet te vol. Uiteindelijk kregen beide kunstenaars een eigen zone in de ruimte. Niet om ze te scheiden, maar om ze daarna sterker te laten samenklinken. Er stonden nog grote werken van Malfliet in de kelder te wachten. Ze zijn daar gebleven.
Dat is een subtiel verschil. Het doel is niet om twee kunstenaars voortdurend tegenover elkaar te zetten tot iemand wint. Soms haal je ze net uit elkaar om ze daarna, met een muur ertussen, harder te laten samenklinken. Zoals in een gesprek waarin niet iedereen tegelijk spreekt. Er zijn stiltes nodig. Er zijn rustpunten. En dan zijn er de momenten waarop alles samenvalt, per ongeluk bijna, en je denkt: dit hadden ze niet kunnen plannen.
Christophe Malfliet, La spruzzatore allegro, 2026, Gallery Sofie Van den BusscheUitroepteken en komma
Links een kind dat niet lacht. Blond haar, een blik die te oud is voor haar lijfje, twee plastic zakjes die zwaarder wegen dan een kind zou moeten dragen. Rondom haar: zwart gekrabbel als onweer, een luipaardvlek die uit een andere jungle is weggelopen, rode druppels die vallen zonder ergens te landen. Malfliet bouwt een wereld die te veel wil zeggen en daarom alles tegelijk zegt. En toch is het precies midden in die overvloed dat je blik blijft haken aan een magenta rechthoek.
Bijna een fout. Bijna te net voor dit rommelige universum. Een kleurvlak dat zich eerst lijkt af te sluiten van wat er rondom gebeurt, maar bij langer kijken juist een doorgang blijkt te zijn. Laat je blik verder glijden naar rechts en daar hangt het paneel van Callaert: effen roze, zacht lila glijdend naar iets dieper. Geen kind meer, geen zakjes, geen zwart gekrabbel. Alsof die ene rechthoek zich uit het schilderij van Malfliet heeft losgewrikt, de muur is overgestoken en onderweg alle ballast heeft afgeworpen. Het figuratieve bleef achter bij het kind. Alleen de kleur reisde verder.
En kleur blijkt niet zomaar een toevallige passant. Blauw is bij Malfliet nooit ver weg. Het duikt overal op, soms centraal, soms als voetnoot, de kleur die alles bij elkaar houdt zoals een basgitaar die je pas mist wanneer hij wegvalt. En net dat blauw wordt het scharnier naar Callaert, wiens hele palet uit datzelfde register lijkt gedestilleerd. De wereld verdwijnt, de kleur blijft.
Zo ontstaat, bijna ongemerkt, de dialoog die deze tentoonstelling draagt. Niet tussen onderwerpen, maar tussen kleuren. Twee kunstenaars die nooit hebben afgesproken op kleur en toch, ergens tussen een ontsnapt roze en een blijvend blauw, voortdurend dezelfde noot raken. De een laat de kleur botsen, overlappen en uitwaaieren; de ander haalt alles weg tot alleen de essentie overblijft. Bij Malfliet is kleur een uitroepteken, bij Callaert een komma. En precies daartussen begint het gesprek.
Ce matin-là, Christophe Malfliet & Jonas Callaert, Gallery Sofie Van den BusscheEen portret zonder gezicht
Niet het kleurenspel blijft hangen, hoe elegant ook uitgelegd. Wel de gedachte dat een tentoonstelling een portret kan zijn zonder gezicht. Malfliet dominant, expressief, virtuoos tot op de rand van het teveel. Callaert timide, monochroom, een man die zijn reizen distilleert tot één tint. Hang ze naast elkaar en je krijgt geen compromis. Je krijgt een gesprek waarin niemand zijn stem verheft, maar alles gezegd wordt.
Nobody knows how I really feel. Precies waar schilderijen beter in zijn dan mensen. Ze hoeven het niet te weten. Ze moeten het laten zien. In blauw, in roze, in een auto die en route staat geschilderd door iemand die nooit is aangekomen en dat ook niet van plan is.
Je zou kunnen zeggen dat de tentoonstelling twee portretten toont die zich vermommen als landschap en als auto. Malfliet is de auto: onderweg, luidruchtig, nooit stilstaand. Callaert is de horizon: iets dat je pas ziet als je voldoende afstand neemt. Beide zijn evenzeer een portret van vriendschap als van het individu. Het is moeilijk die twee te scheiden zodra je de werken naast elkaar hebt zien hangen.
Wat overblijft
Ik verlaat de expo met het gevoel een liedje gezien te hebben in plaats van gehoord. De blues gaat over pijn die je herkent zonder ze te moeten uitleggen. Hier gaat ze over vriendschap. Een ondergewaardeerde vorm van dezelfde emotie. Twee mannen, twee artistieke visies, één ochtend die lang genoeg duurde om er een hele tentoonstelling uit te puren.
Ce matin-là, Christophe Malfliet & Jonas Callaert, Gallery Sofie Van den Bussche