In Western Skies richt de Amerikaanse fotograaf Bryan Schutmaat zijn camera op de hemel boven de westelijke staten van de Verenigde Staten. Het deel van het land met de uitgestrekte prairies en gortdroge vlaktes waar geen mens te bekennen is. Dat wil wat zeggen, want je kan zover kijken als het oog reikt. De luchten daarentegen zijn prachtig.
Bij Galerie Wouter van Leeuwen is een twintigtal wolkenformaties te zien. Op de meeste opnamen is de horizon laag met daarboven het wolkendek. Het ene beeld toont laaghangende sluiterbewolking, op een ander zie je een wolkbreuk op kilometers afstand. Het onderste deel van de afbeeldingen is leeg. De enige foto met een spoor van menselijke activiteit, toont niet meer dan een hek met prikkeldraad. Op een andere foto zien we een meertje. Verder is het droog en leeg. Als mens ben je overgeleverd aan de elementen.
Western Skies van Bryan Schutmaat is nog tot en met 20 december te zien bij Galerie Wouter van Leeuwen.

De fotograaf uit Houston, Texas (1983), maakte de afgelopen vijftien jaar internationaal naam met series als Greys the Mountain Sends (2013), Good, Goddamn (2017) en Sons of the Living (2024). In deze boeken, die stuk voor stuk collectors items werden, heeft Schutmaat vooral oog voor mensen aan de rand van de samenleving, tegen de achtergrond van milieuschade en economische neergang. Mensen die alleen door de woestijn zwerven, een vriend die ten onrechte de cel in moet, of een mijnbouwgemeenschap waar de milieuschade zichtbaar is en de armoede tastbaar.
Western Skies is geen project waaraan Schutmaat non-stop werkte. Hij maakte de opnamen over de jaren als tijdelijke remedie voor de ellende die hij voor zijn series fotografeerde. “De wereld zit altijd vol chaos, conflicten en allerlei vreselijke shit. Maar we hebben ook schoonheid nodig. Ik denk dat het belangrijk is om niet alleen maar betrokken te zijn bij het nieuws, maar ook even pauze te nemen en adem te halen. Om gewoon te genieten van de lucht die ons van die vreemde vormen geeft.”
Tegen Het Parool vertelde Schutmaat hoe de tentoonstelling tot stand is gekomen.
“Ik heb een archief van mijn foto’s en daar kijk ik regelmatig naar. Ik denk dat het heel belangrijk is voor fotografen om zo te werken. Om te weten waar je werk over gaat, moet je je eigen werk terugzien.” Het viel hem op dat hij vaak wolkenluchten had gefotografeerd. “Wat ik ook heel belangrijk vind, is iets wat overduidelijk is, maar toch over het hoofd wordt gezien. Elke keer dat je naar de lucht kijkt, zal je die nooit meer zo kunnen zien. In geen miljard jaar is die wolkenlucht precies hetzelfde. Dat vind ik een mooie gedachte.”

Als je de serie in zijn geheel ziet, vallen naast de wolkenformaties ook de desolaatheid van de uitgestrekte landschappen op. De mens delft hier het onderspit en is vrijwel weerloos ten opzichte van de natuur. Daarmee sluit Schutmaat aan op een lange traditie van landschapsfotografie in de VS. Waar in Europa de natuur in de 19e eeuw stond voor idyllisch, getemd natuurschoon dat werd bewoond door de mens, was dat in de VS totaal anders. De natuur was er wild en bruut, en er was geen mens te bekennen. Fotograferen deed men vooral uit functionele overweging tijdens verkenningsexpedities in het Westen.
Met het verdwijnen van de frontier veranderde ook de landschapsfotografie in de VS. In de 20e eeuw kregen Amerikaanse fotografen steeds meer oog voor de ‘verwonde en hardhandig geëxploiteerde aarde’, zoals John Szarkowski, voormalig conservator fotografie van het MoMA, het noemt. Ansel Adams (1902-1984), de fotograaf waarop Schutmaat teruggrijpt, was dan ook tevens natuurbeschermer.
Adams geniet nog steeds een grote reputatie om zijn manier van afdrukken met een enorme verscheidenheid aan grijstinten. Hij beschouwde zich in de eerste plaats als een weerfotograaf. Net als Adams heeft Schutmaat oog voor de weersomstandigheden en net als Adams concentreerde hij zich voor Western Skies op de compositie en tonaliteit.
Ook Schutmaats zwartwit afdrukken benutten de volledige grijsschaal, ze kennen iedere tint tussen diepzwart en het roomwit van de wolken. Door die rijke tonaliteit blijf je vaak langer kijken naar de wolkenformaties en de landschappen, gewoon om te zien of het beeld meer prijsgeeft als je er langer voorstaat. Dat werkt, want als je heel goed kijkt, zie je dat één landschap toch niet helemaal leeg is. Op Wyoming Sky zie je een kudde bizons als stipjes aan de horizon. Amerikaanser wordt het niet.
