Zodra je de tentoonstelling 'We OK!' van David Bade in Stedelijk Museum Breda binnenloopt, merk je al snel dat het weinig zin heeft om op zoek te gaan naar een logisch begin- of eindpunt. Monumentale schilderijen, expressieve sculpturen, honderden tekeningen, gevonden objecten en felgele constructies vullen de zalen met kleur en energie. De tentoonstelling voelt daardoor niet zozeer als een chronologisch overzicht van Bades dertigjarig oeuvre en meer als een ruimtelijke vertaling van de manier waarop hij denkt en (samen)werkt. Bade wordt vertegenwoordigd door KERSGALLERY & Galerie Maurits van de Laar.
Die overvloed is eigenlijk wel kenmerkend voor zijn praktijk. Bade is een veelzijdige en maatschappelijk betrokken kunstenaar die werkt in verschillende disciplines, waaronder beeldhouwen, schilderen, tekenen en installatie. Het experiment heeft een centrale rol in zijn praktijk en Bade is geïnteresseerd in thema’s als vergankelijkheid, de (kunst)geschiedenis en de actualiteit. Zijn werken zijn intuïtief, associatief, chaotisch, speels, tegenstrijdig, kritisch en kleurrijk en worden niet zelden samengesteld uit gevonden voorwerpen en natuurlijke materialen. Zijn materialen variëren van een oude bank en rubber tot purschuim. Bade maakt complexe assemblages die een kritische en soms cynische blik op de wereld werpen, maar tegelijkertijd een humoristisch randje hebben.
Zijn open manier van werken wordt in Breda goed zichtbaar. Grote, kleurrijke doeken worden afgewisseld met intieme tekeningen en multmediale assemblages. Een felgele sculpturale constructie in de tentoonstelling functioneert tegelijkertijd als drager, meubel, architectuur en kunstwerk. Daaraan hangen schilderijen, tekeningen en kleine objecten alsof ze organisch uit de constructie zijn gegroeid. Het resultaat is een tentoonstelling die je eerder ervaart als één grote installatie dan als een verzameling losse werken.
Maar de tentoonstelling bestaat niet alleen uit werk van Bade. Het hart van de expositie wordt gevormd door het recente project ‘We OK!’. De afgelopen twee jaar werkte de kunstenaar samen met zo’n veertig jongeren uit de Bredase wijken Haagse Beemden, Hoge Vucht en Heuvel. Zij maken deel uit van het Grote Broer Grote Zus (GBGZ) project, dat zich samen met jongeren (14 tot 23 jaar) inzet voor de leefbaarheid in hun wijk. Jonge mensen ervaren vaak een hoge drempel als het gaat om kunst en musea en de makers hopen die drempels met dit project te verlagen, door te laten zien dat kunst ook over hun ervaringen kan gaan. Ze worden daarbij ondersteund door zeven upcoming kunstenaars: Floor Snels, Daan van Bommel, Bas Steens, Bobbi Cleij, Jan Janssens en Stijn Ros & Jesse Paauwe. Samen maakten ze een reeks nieuwe werken over thema's als spelen, geloven, geven, genieten en verzet, waarbij vrijwel ieder materiaal bruikbaar kon zijn: van een afgedankte kast tot een autowrak.
De tentoonstelling laat niet alleen de resultaten zien, maar deelt ook het achterliggende creatieve proces. Bade gelooft dat iedereen verbeeldingskracht heeft, ook als die in de loop van je leven naar de achtergrond is verdwenen. Door samen te tekenen, bouwen, praten en experimenteren probeert hij die creativiteit opnieuw aan te wakkeren en mensen samen te brengen. Ook bezoekers worden uitgenodigd om deel te nemen. Tijdens verschillende live tekensessies worden persoonlijke dromen vertaald naar nieuwe kunstwerken en door de tentoonstelling heen zijn tientallen portretten van de deelnemende jongeren opgenomen. Omdat al deze beelden zonder duidelijke hiërarchie naast Bades werk worden gepresenteerd verdwijnen de grenzen tussen kunstenaar, deelnemer en publiek even. De tentoonstelling laat daarmee zien dat auteurschap hier minder belangrijk is dan het gezamenlijke maakproces.
Samenwerking speelt al jarenlang een belangrijke rol in Bades praktijk. In 2006 richtte hij samen met kunstenaar Tirzo Martha het Instituto Buena Bista (IBB) op, een centrum voor hedendaagse kunst dat jonge makers ondersteunt en kunst verbindt met onderwijs, zorg en maatschappelijke betrokkenheid, en voortkwam uit het door Bade opgerichte ArteSwa (2004). De kunstenaars geloven namelijk dat kunst een middel kan zijn voor sociale verandering en bewustwording. Het IBB is een artistiek vooropleidingstraject voor jongeren en organiseert onder andere een residency en verschillende culturele projecten. Bade en Martha werkten daarnaast ook samen aan verschillende andere tentoonstellingen en (langdurige) kunstprojecten, waaronder ‘All You Can Art’ in samenwerking met Kunsthal Rotterdam. De kunstenaars maakten daarnaast ook het project ‘Look at me now’, dat onderdeel was van de tentoonstelling ‘Slavernij’ in het Rijksmuseum.
David Bade werd in 1970 geboren in Willemstad op Curaçao. Na zijn opleiding aan de NLO (lerarenopleiding tekenen en handvaardigheid) in Diemen en Ateliers '63 in Haarlem won Bade de prestigieuze Prix de Rome (1993) en later onder meer de Sikkensprijs (2010). Zijn werk was eerder te zien in Kunstmuseum Den Haag, Stedelijk Museum Amsterdam, het Centraal Museum in Utrecht, De Hallen in Haarlem, het S.M.A.K. in Gent, de Lustwarande en op de Biënnale van Venetië. Daarnaast realiseerde hij verschillende werken voor de publieke ruimte, waaronder zijn iconische ‘Anita’ op het Eendrachtsplein in Rotterdam. Zijn werk werd onder andere opgenomen in de collecties van Stedelijk Museum Amsterdam, het Bonnefanten Museum, het Centraal Museum, Museum Voorlinden, het S.M.A.K., het Musée d’Art Moderne et d’Art Contemporain (Nice), Kunstmuseum Den Haag, de AkzoNobel Art Foundation, ABN Amro, DSM, KPMG en de Nederlandse ambassade in Buenos Aires.